Redding NRB en de stand van zaken (april 2015)

Gisteravond is onderstaande artikel verschenen op rugby.nl, de website van de Nederlandse Rugby Bond. Hierin legt Janhein Pieterse (foto), voorzitter a.i. van de bond, nogmaals duidelijk uit welke financiële situatie is ontstaan en hoe de stand van zaken nu is na vijf intensieve maanden:

De Nederlandse Rugby Bond is de laatste jaren sterk in aantal leden gegroeid tot bijna 12.000 leden eind 2014. Met name het aantal jeugdleden is sterk gestegen en bedraagt nu 45% van het totaal aantal leden. Zeker heeft het succes van de Dames 7 en hun olympische aspiratie, de goede internationale resultaten van de Heren 15, Dames 15 en de jeugdselecties sterk bijgedragen aan de groei van de rugbysport in Nederland. Wat betreft groei en internationale prestaties zit de rugbybond in de beste periode van haar 82-jarig bestaan.

De groei van rugby in Nederland heeft helaas ook een financiële keerzijde! Met de sterke groei in de breedtesport is veel geïnvesteerd in opleiding en begeleiding van de clubs, spelers, trainers, coaches en scheidsrechters. De internationale prestaties en ambities van de dames-, heren- en jeugdselecties hebben geleid tot een sterke toename van de kosten voor training, begeleiding en reis en verblijf. In de afgelopen drie jaar zijn een aantal ambitieuze toernooien georganiseerd zonder dat daar kostendekkende inkomsten tegen over stonden. De bezetting van het bondsbureau is verdubbeld. Per saldo zijn de kosten van de rugbybond in de laatste jaren onverantwoord gestegen.

De afgelopen jaren is er door het toenmalig NRB-bestuur en het bondsbureau geen adequate aansturing van en controle op de afdelingsbudgetten, de kosten van selecties, toernooien, projecten, salarissen, representatie en andere verplichtingen geweest. Ook waren de financiële rapportages aan de ALV onvolledig. Dit heeft vanaf 2011 tot jaarlijks oplopende verliezen geleid, die per ultimo 2014 resulteren in een negatief eigen vermogen van € 1.060.000 en een schuld van € 1.220.000. In feite was de rugbybond technisch failliet en daarmee de continuïteit van rugby in Nederland in gevaar.  In de ALV van 1 november 2014 werd besloten om per direct een nieuwe interim-voorzitter en penningmeester aan te stellen met de opdracht de financiële positie van de rugbybond in kaart te brengen en een herstelplan op te stellen.

De inventarisatieperiode

Het plan van het interim-bestuur was er op gericht om midden december een duidelijk en betrouwbaar beeld van de financiële situatie te hebben en een mogelijk plan van aanpak voor de redding te kunnen presenteren. In de eerste week hebben de interim-bestuurders een aantal gesprekken gevoerd met (ex)bestuurders, medewerkers, accountants, schuldeisers en subsidiegevers. Hieruit kon de conclusie getrokken worden dat veel verstrekte informatie niet betrouwbaar of onvolledig was en is, het onderlinge samenwerking en vertrouwen slecht en subsidiegevers en crediteuren geen vertrouwen meer hadden in de rugbybond.

Gezien de precaire financiële situatie van de rugbybond, waarbij dagelijks schuldeisers, incassobureaus en belastingdienst voor de deur stonden, was het plan van aanpak in eerste instantie gericht op een viertal acties.

  • Aan de hand van de balansposten bepalen wat de eigenlijke financiële stand van zaken is.
  • Aftastende gesprekken met de grootste crediteuren, de belastingdienst en de subsidiegevers World Rugby en NOC*NSF.
  • Brief aan alle crediteuren over de situatie en plan van aanpak.
  • Stopzetten van alle uitgaven en inventariseren van uitstaande verplichtingen.

Bij het grondig doorlopen van de balansposten kwamen binnen drie weken tijd ruim € 300.000 aan niet geboekte kosten of ten onrechte geboekte inkomsten naar boven. Na gesprekken met crediteuren en vermeende sponsoren is dit bedrag in de weken daarna nog verder opgelopen, waarbij het totaal verlies voor 2014 op ruim € 700.000 uitkwam.  Een deel van deze hoge verliezen hebben te maken met kosten uit voorgaande jaren.

Uit de gesprekken met de grote crediteuren en de subsidiegevers bleek een groot gebrek aan vertrouwen te zijn in de rugbybond, met name door de vele niet nagekomen toezeggingen van het vorige bestuur en de niet juist verstrekte informatie. De subsidiegevers hadden inmiddels besloten de subsidie voor 2014 en 2015 stop te zetten. Na een aantal gesprekken bleek er echter wel bereidheid om het interim-bestuur te steunen in het reddingsplan van de rugbybond.
Om te voorkomen dat één enkele crediteur het faillissement zou aanvragen is veel tijd gestopt in het benaderen en informeren van de schuldeisers. Deze bestonden uit een zestal grote en ruim honderd kleinere crediteuren.

Uit de inventarisatie van budgetprocedures en declaraties bleek dat er wel regels bestonden, maar die niet werden nageleefd. Alle uitgaven zijn per direct bevroren. Een eerste stap is gegeven tot het terugdringen van de kosten. De overeenkomsten van medewerkers van het bondsbureau met een tijdelijk of ZZP-contract zijn beëindigd. Recent aangegane verplichtingen voor huren van ruimtes, ict-projecten en teamondersteuning zijn per direct opgezegd. Eind november was duidelijk dat zonder financiële steun van derden de rugbybond op korte termijn failliet zou gaan.

Het interim-bestuur heeft een mogelijk faillissementscenario onderzocht. Na gesprekken met advocaat, curator, World Rugby en NOC*NSF bleek dit echter voor de rugbysport in Nederland een rampzalig gevolg te hebben. Alle licenties zouden komen te vervallen, de competitie komt per direct stil te liggen, de olympische aspiraties van de Dames 7 worden stopgezet, investeringen in opleidingen en ervaring van jeugdspelers zouden vervallen en het positief imago van de rugbysport zou worden beschadigd. Het zou jaren duren voordat rugby Nederland weer op hetzelfde sportief niveau terug zou zijn. Dit scenario moest worden voorkomen en is verder niet meer in overweging genomen.

Gedurende het proces heeft het interim-bestuur de leden zo goed mogelijk geïnformeerd over de voortgang en begin december een eerste opzet van een reddingsplan aan de clubs gestuurd. Na een aantal gesprekken met de grotere clubs is het Reddingsplan 2015- 2017 opgesteld en 20 december 2014 aan de BALV gepresenteerd.

Het Herstelplan 2015-1017

Op de Bijzondere Algemene Ledenvergadering (BALV) van 20 december 2014 zijn eerst vier oud-bestuursleden afgetreden en zijn twee nieuwe leden toegetreden tot het bestuur. Het bestuur van de rugbybond bestaat hiermee uit vijf personen en heeft een interim-status tot de financiële problemen zijn opgelost.

Het gepresenteerde herstelplan was gericht op drie financiële prioriteiten: afwenden faillissement, op korte termijn genereren van cashflow en aanvulling van eigen vermogen om te kunnen voldoen aan de voorwaarden van de subsidiegevers. De volgende voorstellen zijn aan de BALV gepresenteerd.

  • Aanvulling eigen vermogen door bijdrage clubs van € 688.000. Per club is dit bedrag gebaseerd op € 80 per senior en € 40 per junior-lid. Geld uiterlijk beschikbaar 31 maart 2015.
  • Korting crediteuren (ex Belastingdienst en Provincie) van 50%. Een hoger percentage zou mogelijk leiden tot lange procedures.
  • Halvering bezetting bondsbureau en verdere reductie kosten. Jaarlijks positief resultaat van 8 à 10% van de omzet.
  • Accent begroting rugbybond komende jaren gericht op verder uitbouw en ondersteuning van de breedtesport.
  • Topsport wordt slechts organisatorisch door de rugbybond ondersteund. Financiële ondersteuning zal separaat door alternatieve funding en extra subsidie moeten worden geregeld door de selecties zelf.

Na een lange en vaak emotionele discussie hebben de leden ingestemd onder de volgende voorwaarden:

  • Bijdrage van de clubs via een achtergestelde lening met looptijd 20 jaar.
  • De gelden worden gecollecteerd en beheerd door een stichting, om beslaglegging crediteuren te voorkomen.
  • Alle crediteuren moeten bijdragen aan 50% korting. Alleen uitzondering voor de crediteuren met een wettelijk restricties (25% van de uitstaande schulden)
  • Onderzoek naar de oorzaak van de crisis.

Aangezien een achtergestelde lening niet als eigen vermogen wordt aangemerkt is hierover aparte afstemming geweest met de subsidiegevers.

Voor het tijdelijk financieren van de operationele cashflow is een aparte regeling getroffen met World Rugby over het vooruitbetalen van de subsidie 2015.

In de maanden januari en februari is de stichting opgericht. Binnen de gekozen opzet sluiten de clubs een rechtstreekse leenovereenkomst met de rugbybond. Hierbij wordt per kwartaal een 3% rente vergoed.

Het interim-bestuur heeft vanaf januari alle crediteuren schriftelijk en persoonlijk benaderd met het verzoek tot een crediteurenkorting van 50% en het tekenen van een vaststellingsovereenkomst.

BALV 14 maart 2015

Op de BALV van 14 maart 2015 kon het volgende resultaat aan de leden worden gerapporteerd.
  • Met de uitzondering van één club hebben alle 82 clubs van de rugbybond zich schriftelijk gecommitteerd aan de betaling van de bijdrage per 31 maart. 78 clubs via de stichting en 3 rechtstreeks aan de rugbybond.
  • Met 98% van de crediteuren is een vaststellingsovereenkomst getekend.
  • Meerjarige betalingsregeling getroffen met de crediteuren die om wettelijk redenen niet aan een crediteuren regeling meedoen.
  • Een voorstel voor een onderzoek naar de oorzaak van de crisis en de daaraan verbonden kosten.

Alle clubs zijn bij stemming unaniem akkoord gegaan met de uitvoering van het herstelplan.

Huidige stand van zaken

De bijdragen van de clubs zijn volgens afspraak per 31 maart betaald aan de stichting resp. de rugbybond.

In de eerste week van april heeft de rugbybond middels de stichting alle crediteuren betaald waarmee een vaststellingsovereenkomst is getekend. Hiermee is het crediteurenrisico afwend.

De overige gelden, gecontroleerd door de Stichting, worden in drie tranches van een maand beschikbaar gesteld aan de rugbybond om haar lopende kosten te financieren. Hierna wordt de stichting in principe opgeheven. Met een gedegen budgetcontrole en de gemaakte afspraken met de subsidiegevers en afbetalingsregelingen met crediteuren moet de rugbybond eind 2016 weer een evenwichtige cashflow-positie hebben.

Aangezien de bijdrage van de clubs middels een achtergestelde lening is verstrekt zal het tot 2022 duren voor het eigen vermogen weer positief is. Dit zal moeten worden gerealiseerd middels jaarlijkse positieve resultaten en nieuw aan te trekken sponsoren en commerciële initiatieven van de rugbybond. Dit is ook als zodanig met de subsidiegevers afgestemd.

De inkomsten van de rugbybond bestaan voor 70% uit contributies leden en teambijdrage clubs, 25% subsidies en 5% overige. De contributies worden grotendeels in augustus ontvangen. De subsidies in principe in het begin en midden van het jaar. Voor een gedegen cashflow-beleid zal begin volgend jaar nogmaals een beroep moeten worden gedaan op een vooruitbetaling van de een deel van de subsidies. Vanaf 2017 moet de cashflow weer op een normale manier verlopen en de lopende uitgaven gedekt worden door de beschikbare middelen.

Het zijn vijf intensieve maanden geweest. De bereidheid van de clubs, crediteuren en subsidiegevers om financieel bij te springen of regeling te treffen heeft geresulteerd in een rugbybond die weer verder kan bouwen aan de sportieve ontwikkeling van de rugbysport in Nederland. Het interim-bestuur heeft dan ook de intentie om op de komende ALV van 27 juni de leden voor te verzoeken hun interim-status op te heffen en aan te blijven als bestuur van de rugbybond.

Janhein Pieterse,

Voorzitter a.i.
Nederlandse Rugby Bond

Geplaatst in Rugby.